Verlies…

Het heeft dik twee maanden geduurd, maar eindelijk kan ik
weer bloggen. Dingen van me af schrijven. Leuke dingen en dingen die me dwars
zaten. Zaken die ik heb meegemaakt. Zoals een weekendje naar Denemarken met
mijn vrouw om daar een onvergetelijk concert bij te wonen van Brad Paisley, een
Amerikaanse countryartiest. ( en nee! Het feit dat ik van country houd, wil
niet zeggen dat ik een paard heb en aan line-dancing doe!) Of ik zou kunnen
schrijven over de voorbereidingen voor een project genaamd “mobiel banditisme”
, waar ik voor drie maanden operationeel commandant wordt, samen met een
collega uit Nieuwegein. En dat ik het wijkwerk dus even drie maanden laat
rusten. Dit project richt zich op rondtrekkende dievenbendes, zoals
Oostblokkers, Ieren en anderen bij wie het begrip ‘mijn en dijn’ ver te zoeken
is.

Maar helaas werden we gisterenavond opgeschrikt door een
ontzettende boodschap. Mijn wijkchef belde me met het bericht dat een collega
uit Woerden, tijdens de dienst en onderweg naar een melding een ongeluk met de
motor had gekregen en aan de gevolgen daarvan overleden was. Hij laat een vrouw
en een zoontje achter van drie jaar oud en, zoals ik vanmorgen hoorde, wordt de
tweede over een dikke maand verwacht. Ik kende deze collega goed, omdat hij een
tijdje op mijn wijkteam had gewerkt. En hoewel hij niet bepaald met opgeheven
hoofd naar een ander wijkteam is gegaan, is dit iets wat je absoluut niemand
toewenst. Vriend of vijand,maakt niet uit.

Daarom werd er vanmorgen en bijeenkomst gehouden op het
politiebureau te Woerden om elkaar steun te geven. Met elkaar te praten. Te
omhelzen. En te janken. En iedereen die geen nachtdienst had gehad of
anderszins verhinderd was, was er. Een grote verkeerscontrole, die eigenlijk
vanochtend had moeten plaatsvinden, was afgelast. De wijkchef, de districtschef
en zelfs de nieuwe korpschef hielden een korte maar emotionele toespraak.
Spoorden ons aan vooral bij elkaar te zijn en te praten. Ervaringen te delen.
Zorgen dat we de zaken weer op een rij kregen. Uit naburige districten werd
hulp en opvang voor de dienst toegezegd.

En dan blijkt maar weer eens wat een hechte kliek
politiemensen zijn. Voor elkaar. Iedereen samen. In een kantoortje was een
stilteruimte en een condoleanceregister ingericht. Met daar op een tafel zijn
toegangspas, legitimatiebewijs, een leren mapje waar zijn oordoppen in hadden
gezeten en zijn telefoon. Met de waterschade nog zichtbaar achter het scherm.
Dat deed me echt wel wat, hoor. Na een hele tijd handen schudden, elkaar
omhelzen en speculeren over hoe het precies gebeurd was ( de resultaten van het
onderzoek volgen de komende dagen) gingen we weer naar onze bureaus. Die
gesloten waren. En waar de korpsvlag en de Nederlandse vlag halfstok hingen.
Iedereen die geen dringende werkzaamheden had, kon vandaag naar huis. Of kon
blijven, wat je wilde. Ik ben naar huis gegaan. Om op het internet een
discussie te lezen over de rijvaardigheden van agenten heden te dage en de
staat waarin het materieel verkeert. Sommige mensen moeten altijd wat roepen
van de zijlijn.

Ik had graag vrolijker berichten willen plaatsen. En die komen
nog wel. Maar als een collega overlijdt, zeker tijdens de dienst, dan staat
alles even stil. Onderweg naar een melding om de ambulance te helpen bij een
onwelwording.  Onderweg om iemand, die
hij niet kende, te helpen. Gewoon omdat dat zijn beroep was. Hulp verlenen aan
hen die dat behoeven.

Rust zacht,Lucas.

september 25, 2011
By on 18:28
kleine tragedies….

Ik heb het al vaak verteld. In deze blogs. Op verjaardagen. Als mensen horen dat ik bij de politie werk. Dat de politie vaak geconfronteerd wordt met heftige gebeurtenissen. En dat het verdriet voor de direct betrokkenen natuurlijk vele malen erger is. Daar wordt vaak abrubt een familielid weggerukt. Dat de politie daar soms ook de emotionele gevolgen van ondervindt, blijft soms wat onbelicht. Je kunt je nog zo professioneel opstellen, maar het raakt je toch. Je kunt blij zijn dat je kunt handelen en daardoor je gevoelens even weg kunt zetten, maar als alles gebeurd is – tot aan het vegen van het wegdek aan toe, dan stort je toch even in. Niet lichamelijk maar wel mentaal. De rit terug naar het bureau, wetende dat je de feiten moet samenvatten in droge proces-verbaal-taal, verloopt vaak in diepe stilte.

Afgelopen week was er een festival. Het zoveelste, bijna de laatste in de jaarlijkse cyclus van festivals en feestweken. Hoewel de dreiging van vechtpartijen naar aanleiding van eerdere vetes en aanhangers van bekende voetbalclubs vele malen werd uitgesproken, is het echt een feest geweest. Waarbij één aanhouding werd verricht voor een dronken droppie die een collega uitschold.

Ik weet altijd dat deze specifieke feestweek in aantocht is omdat mijn oog valt op de overlijdensadvertenties in de krant. Want in augustus 2006 vond een verschrikkelijk ongeluk plaats op een weg in mijn werkgemeente waarbij één 16 jarige jongen omkwam en zijn vriendinnetje lange tijd zeer slecht lag. Ze heeft het gered. Ik moest zojuist opzoeken wanneer het precies geweest was en zag de foto's van wat er van de auto overgebleven was. Ik ben zelf niet bij dit ongeluk aanwezig geweest, maar heb de verhalen van collega's gehoord die dat wel waren. De auto reed met hoge snelheid over een brug, werd gelanceerd en raakte de bekanting van de brug. De auto werd over de lengte vrijwel in tweeën gereten en de jongen die voorin op de pasagiersstoel zat, kwam om het leven. De bestuurder, die zelf nog maar net zijn rijbewijs had en een week eerder van een collega al gewezen was op zijn ronduit gevaarlijke weggedrag, kwam met de schrik vrij. Deze jongeman woont nog in onze gemeente en is al weer een tijdje uit de gevangenis. Het doet me verdriet om te zeggen dat hij bitter weinig van zijn straf geleerd heeft. Hij heeft geen rijbewijs meer, maar dat belet hem niet om met hoge snelheid rond te scheuren in een opgevoerd strijkijzer.

De familie en vriendenclub van de omgekomen jongen plaatst ieder jaar nog een rouwadvertentie voor hem in de lokale en landelijke pers. En ik denk niet eens dat ze het doen om aandacht te vragen voor verkeersveiligheid of zoiets, maar alleen om de gedachte aan een 16 jarige jongen levend te houden. Tijdens het festival staken zijn vrienden, op de sterfdag van hun kameraad, ee lawinepijl af die met een donderende klap tot ontploffing kwam boven het feestterrein. Als jong agent, die alle wetten strikt wil handhaven en de wereld tot een veiliger oord wil maken, ben ik er wel ens achteraan gegaan. Als wijkagent, met meer ervaring en droog achter de oren, weet ik dat je sommige dingen gewoon moet laten gaan, ook al zijn ze nog zo strafbaar. Er zijn al zat grote tragedies om je druk te maken over de kleinere. Hoewel dit voor de familie en vrienden natuurlijk helemaal geen kleine tragedie is. Voor hen gaan de lokale feestweek en de herinnering hand in hand…..

Gelukkig voor de politie en andere betrokkenen loopt het ook wel eens goed af. Ik heb onlangs een kort strafonderzoek gedraaid op basis van een aangifte van een meisje, die ik herkende. En dat kwam omdat zij op een zondagmorgen, een paar jaar terug , besloot – letterlijk – tegen een boom aan te rijden met haar kleine autootje. Ik was daar als eerste bij en was zo geschokt van wat ik aantrof dat ik door collega's haar ouders heb laten halen in de overtuiging dat ze geen vijf minuten meer te leven had. Het doet met deugd om te zeggen dat ze levend en wel rondloopt, vandaag de dag. Door haar vader ben ik trouwens op het idee gekomen van een blog, omdat hij van dag tot dag een blog bijhield over het genezingsproces van zijn dochter. De aangifte liep op niets uit, overigens, iets wat hij niet kon verkroppen. Want hij was zeer beschermend naar zijn dochter toe. Logisch ook. Soms kunnen grote tragedies klein gehouden worden…..

augustus 22, 2011
By on 07:43
kleine tragedies….

Ik heb het al vaak verteld. In deze blogs. Op verjaardagen. Als mensen horen dat ik bij de politie werk. Dat de politie vaak geconfronteerd wordt met heftige gebeurtenissen. En dat het verdriet voor de direct betrokkenen natuurlijk vele malen erger is. Daar wordt vaak abrubt een familielid weggerukt. Dat de politie daar soms ook de emotionele gevolgen van ondervindt, blijft soms wat onbelicht. Je kunt je nog zo professioneel opstellen, maar het raakt je toch. Je kunt blij zijn dat je kunt handelen en daardoor je gevoelens even weg kunt zetten, maar als alles gebeurd is – tot aan het vegen van het wegdek aan toe, dan stort je toch even in. Niet lichamelijk maar wel mentaal. De rit terug naar het bureau, wetende dat je de feiten moet samenvatten in droge proces-verbaal-taal, verloopt vaak in diepe stilte.

Afgelopen week was er een festival. Het zoveelste, bijna de laatste in de jaarlijkse cyclus van festivals en feestweken. Hoewel de dreiging van vechtpartijen naar aanleiding van eerdere vetes en aanhangers van bekende voetbalclubs vele malen werd uitgesproken, is het echt een feest geweest. Waarbij één aanhouding werd verricht voor een dronken droppie die een collega uitschold.

Ik weet altijd dat deze specifieke feestweek in aantocht is omdat mijn oog valt op de overlijdensadvertenties in de krant. Want in augustus 2006 vond een verschrikkelijk ongeluk plaats op een weg in mijn werkgemeente waarbij één 16 jarige jongen omkwam en zijn vriendinnetje lange tijd zeer slecht lag. Ze heeft het gered. Ik moest zojuist opzoeken wanneer het precies geweest was en zag de foto's van wat er van de auto overgebleven was. Ik ben zelf niet bij dit ongeluk aanwezig geweest, maar heb de verhalen van collega's gehoord die dat wel waren. De auto reed met hoge snelheid over een brug, werd gelanceerd en raakte de bekanting van de brug. De auto werd over de lengte vrijwel in tweeën gereten en de jongen die voorin op de pasagiersstoel zat, kwam om het leven. De bestuurder, die zelf nog maar net zijn rijbewijs had en een week eerder van een collega al gewezen was op zijn ronduit gevaarlijke weggedrag, kwam met de schrik vrij. Deze jongeman woont nog in onze gemeente en is al weer een tijdje uit de gevangenis. Het doet me verdriet om te zeggen dat hij bitter weinig van zijn straf geleerd heeft. Hij heeft geen rijbewijs meer, maar dat belet hem niet om met hoge snelheid rond te scheuren in een opgevoerd strijkijzer.

De familie en vriendenclub van de omgekomen jongen plaatst ieder jaar nog een rouwadvertentie voor hem in de lokale en landelijke pers. En ik denk niet eens dat ze het doen om aandacht te vragen voor verkeersveiligheid of zoiets, maar alleen om de gedachte aan een 16 jarige jongen levend te houden. Tijdens het festival staken zijn vrienden, op de sterfdag van hun kameraad, ee lawinepijl af die met een donderende klap tot ontploffing kwam boven het feestterrein. Als jong agent, die alle wetten strikt wil handhaven en de wereld tot een veiliger oord wil maken, ben ik er wel ens achteraan gegaan. Als wijkagent, met meer ervaring en droog achter de oren, weet ik dat je sommige dingen gewoon moet laten gaan, ook al zijn ze nog zo strafbaar. Er zijn al zat grote tragedies om je druk te maken over de kleinere. Hoewel dit voor de familie en vrienden natuurlijk helemaal geen kleine tragedie is. Voor hen gaan de lokale feestweek en de herinnering hand in hand…..

Gelukkig voor de politie en andere betrokkenen loopt het ook wel eens goed af. Ik heb onlangs een kort strafonderzoek gedraaid op basis van een aangifte van een meisje, die ik herkende. En dat kwam omdat zij op een zondagmorgen, een paar jaar terug , besloot – letterlijk – tegen een boom aan te rijden met haar kleine autootje. Ik was daar als eerste bij en was zo geschokt van wat ik aantrof dat ik door collega's haar ouders heb laten halen in de overtuiging dat ze geen vijf minuten meer te leven had. Het doet met deugd om te zeggen dat ze levend en wel rondloopt, vandaag de dag. Door haar vader ben ik trouwens op het idee gekomen van een blog, omdat hij van dag tot dag een blog bijhield over het genezingsproces van zijn dochter. De aangifte liep op niets uit, overigens, iets wat hij niet kon verkroppen. Want hij was zeer beschermend naar zijn dochter toe. Logisch ook. Soms kunnen grote tragedies klein gehouden worden…..


By on 05:43
Niet geschoten…..

De afgelopen dagen was het elke dag wel een keer raak: een schietincident waarbij de politie gebruik maakte van het vuurwapen. In Oss en Uithoorn werden inbrekers neergeschoten, in Utrecht werd een verwarde man neergeschoten. In Horst werd ook een inbreker neergeschoten en in Heinenoord werd een verwarde man neergeschoten. Allemaal in de laatste zeven dagen. In Nederland. Echt waar.

Het NOS-journaal besteedde gisteren aandacht aan iets waar iedereen wel een vermoeden van heeft: de politie schiet steeds vaker. Eigenlijk is er een steigende lijn te ontdekken sinds het Sunset Grooves-feest in Hoek van Holland, enkele jaren geleden. De NOS stelde zelfs dat er nergens ter wereld zoveel doden vallen door vuurwapengeweld van de politie als in Nederland, alleen Canada en de Verenigde Staten uitgezonderd. Vorig jaar waren er 2 doden te betreuren en 23 gewonden gevallen als gevolg van vuurwapengeweld door de politie en dit jaar staat de teller al op 18 schietincidenten, dus er zit duidelijk een stijgende lijn in. Ter vergelijking: in Duitsland zijn in 2009 'slechts' 9 mensen doodgeschoten door de politie. En dat land is vele malen groter en telt veel meer politiemensen als Nederland.

Zijn Nederlandse politiemensen dan een stelletje gun-crazies, die er bij het minste geringste maar op los knallen? Verre van dat, kan ik uit eigen ervaring mededelen. In twaalf jaar tijd heb ik drie keer mijn vuurwapen getrokken. De eerste keer was ik nog op stage tijdens de opleiding. Ik stond vooraan bij een uitpraatprocedure en trok mijn wapen, maar achter mij stonden nog tien collega's uit een andere regio die ook allemaal hun vuurwapen trokken. Dat deed me besluiten, dat als er geschoten zou worden, ik in ieder geval niet de eerste zou zijn. De tweede maal was toen ik midden in de nacht werd geconfronteerd met een auto met vier ramkrakers die ineens allemaal uit de auto stoven. Uit pure reactie trok ik mijn wapen en richtte, maar dacht toen dat het feit- een kraak in een telefoniewinkel – het niet waard was om er iemand voor neer te schieten. En de derde keer was onlangs, bij een uitpraatprocedure, waarbij iemand die zijn vrouw had bedreigd met de dood én altijd in het bezit van een vuurwapen was geweest, aangehouden werd. Ik heb dus nooit buiten de schietbaan hoeven te schieten en ik hoop dat het nooit nodig zal zijn. Maar ik hoop óók, dat als het wel nodig is, ik niet zal aarzelen op die cruciale seconde.

Nederlandse agenten zijn jarenlang puur bang gemaakt voor de mogelijke gevolgen die het voor hen zou hebben als het pistool zouden trekken en gebruiken. Voor je het wist, stond je voor de rechtbank waar mensen die er niet bij waren geweest en nooit eerder zoiets dergelijks hadden meegemaakt, over jouw gedrag zouden oordelen. Die bangheid is de laatste jaren wat aan het afnemen. De roep om respect is ook bij de politie duidelijker geworden. Niet dat respect iets is dat uit de loop van een vuurwapen komt, dat is angst. Laten we die twee niet met elkaar verwarren. Maar Nederlandse politiemensen zijn de laatste tien jaar afgeschilderd als een stelletje watjes, belastinginners en van-achter-een-boom boeteschrijvers. Terwijl dit niet waar is. Ik weet als geen ander hoe hard er gewerkt wordt, op alle lagen van de organisatie, om beter getraind te worden, om meer boeven te vangen en om betere processen-verbaal aan te leveren zodat er meer verdachten veroordeeld worden.

Ik heb mijn vrouw ernaar gevraagd, of ze ooit bang was dat mij iets zou overkomen. In de loop van mijn werk. Dat bevestigde ze, maar ze veronderstelde dat ik dat zelf ook zou hebben. Dat heb ik ook, maar meestal achteraf, als ik de tijd neem om alles nog eens de revue te laten passeren en me bedenkt wat er allemaal anders had gemoeten. En hoe vreselijk fout het had kunnen gaan. Maar tegelijkertijd kun je je daar niet door tegen laten houden. En dat je er niet constant stil bij kunt staan, maar wel rekening mee houdt. Het is een beroepsrisico.

Ik las net dat een agent in Groningen een schadevergoeding heeft geëist aan een verdachte, die hij zelf heeft neergeschoten. Deze verdachte bedreigde de agent met een pijl en boog, waaraan hij mespunten had vastgemaakt. Praten hielp niet en de agent zag zich genoodzaakt om de man in zijn been te schieten. En kreeg daar zo'n psychische knauw van, dat hij zijn vuurwapen had moeten gebruiken om een ander mens neer te schieten, dat hij de verdachte daarvoor aansprakelijk stelt. Een interessant standpunt, maar ik weet niet goed, wat ik er van moet denken. Een uitspraak volgt nog, en ik zal u zeker opde hoogte houden.

Ik schreef het ergens al eerder "Better to be judged by twelve men, than carried away by six" In politieland zeggen we : aan het einde van de dag wil je wel je eigen schoenen thuisbrengen.

augustus 12, 2011
By on 21:14
Niet geschoten…..

De afgelopen dagen was het elke dag wel een keer raak: een schietincident waarbij de politie gebruik maakte van het vuurwapen. In Oss en Uithoorn werden inbrekers neergeschoten, in Utrecht werd een verwarde man neergeschoten. In Horst werd ook een inbreker neergeschoten en in Heinenoord werd een verwarde man neergeschoten. Allemaal in de laatste zeven dagen. In Nederland. Echt waar.

Het NOS-journaal besteedde gisteren aandacht aan iets waar iedereen wel een vermoeden van heeft: de politie schiet steeds vaker. Eigenlijk is er een steigende lijn te ontdekken sinds het Sunset Grooves-feest in Hoek van Holland, enkele jaren geleden. De NOS stelde zelfs dat er nergens ter wereld zoveel doden vallen door vuurwapengeweld van de politie als in Nederland, alleen Canada en de Verenigde Staten uitgezonderd. Vorig jaar waren er 2 doden te betreuren en 23 gewonden gevallen als gevolg van vuurwapengeweld door de politie en dit jaar staat de teller al op 18 schietincidenten, dus er zit duidelijk een stijgende lijn in. Ter vergelijking: in Duitsland zijn in 2009 'slechts' 9 mensen doodgeschoten door de politie. En dat land is vele malen groter en telt veel meer politiemensen als Nederland.

Zijn Nederlandse politiemensen dan een stelletje gun-crazies, die er bij het minste geringste maar op los knallen? Verre van dat, kan ik uit eigen ervaring mededelen. In twaalf jaar tijd heb ik drie keer mijn vuurwapen getrokken. De eerste keer was ik nog op stage tijdens de opleiding. Ik stond vooraan bij een uitpraatprocedure en trok mijn wapen, maar achter mij stonden nog tien collega's uit een andere regio die ook allemaal hun vuurwapen trokken. Dat deed me besluiten, dat als er geschoten zou worden, ik in ieder geval niet de eerste zou zijn. De tweede maal was toen ik midden in de nacht werd geconfronteerd met een auto met vier ramkrakers die ineens allemaal uit de auto stoven. Uit pure reactie trok ik mijn wapen en richtte, maar dacht toen dat het feit- een kraak in een telefoniewinkel – het niet waard was om er iemand voor neer te schieten. En de derde keer was onlangs, bij een uitpraatprocedure, waarbij iemand die zijn vrouw had bedreigd met de dood én altijd in het bezit van een vuurwapen was geweest, aangehouden werd. Ik heb dus nooit buiten de schietbaan hoeven te schieten en ik hoop dat het nooit nodig zal zijn. Maar ik hoop óók, dat als het wel nodig is, ik niet zal aarzelen op die cruciale seconde.

Nederlandse agenten zijn jarenlang puur bang gemaakt voor de mogelijke gevolgen die het voor hen zou hebben als het pistool zouden trekken en gebruiken. Voor je het wist, stond je voor de rechtbank waar mensen die er niet bij waren geweest en nooit eerder zoiets dergelijks hadden meegemaakt, over jouw gedrag zouden oordelen. Die bangheid is de laatste jaren wat aan het afnemen. De roep om respect is ook bij de politie duidelijker geworden. Niet dat respect iets is dat uit de loop van een vuurwapen komt, dat is angst. Laten we die twee niet met elkaar verwarren. Maar Nederlandse politiemensen zijn de laatste tien jaar afgeschilderd als een stelletje watjes, belastinginners en van-achter-een-boom boeteschrijvers. Terwijl dit niet waar is. Ik weet als geen ander hoe hard er gewerkt wordt, op alle lagen van de organisatie, om beter getraind te worden, om meer boeven te vangen en om betere processen-verbaal aan te leveren zodat er meer verdachten veroordeeld worden.

Ik heb mijn vrouw ernaar gevraagd, of ze ooit bang was dat mij iets zou overkomen. In de loop van mijn werk. Dat bevestigde ze, maar ze veronderstelde dat ik dat zelf ook zou hebben. Dat heb ik ook, maar meestal achteraf, als ik de tijd neem om alles nog eens de revue te laten passeren en me bedenkt wat er allemaal anders had gemoeten. En hoe vreselijk fout het had kunnen gaan. Maar tegelijkertijd kun je je daar niet door tegen laten houden. En dat je er niet constant stil bij kunt staan, maar wel rekening mee houdt. Het is een beroepsrisico.

Ik las net dat een agent in Groningen een schadevergoeding heeft geëist aan een verdachte, die hij zelf heeft neergeschoten. Deze verdachte bedreigde de agent met een pijl en boog, waaraan hij mespunten had vastgemaakt. Praten hielp niet en de agent zag zich genoodzaakt om de man in zijn been te schieten. En kreeg daar zo'n psychische knauw van, dat hij zijn vuurwapen had moeten gebruiken om een ander mens neer te schieten, dat hij de verdachte daarvoor aansprakelijk stelt. Een interessant standpunt, maar ik weet niet goed, wat ik er van moet denken. Een uitspraak volgt nog, en ik zal u zeker opde hoogte houden.

Ik schreef het ergens al eerder "Better to be judged by twelve men, than carried away by six" In politieland zeggen we : aan het einde van de dag wil je wel je eigen schoenen thuisbrengen.


By on 19:14
eindeloos respect

Nederland kent de hoogste concentratie tijdschriften per hoofd van de bevolking. Daarom is het niet gek dat er meerdere politietijdschriften zijn. De grootste hiervan is BLAUW. Het ligt regelmatig op de koffietafel bij ons. En twee nummers geleden, net voor mijn vakantie, las ik een gedicht in dat blad, dat me naar de keel greep. En mij niet alleen. Een collega, wier ambitie het is om zedenrechercheur te worden, ( en inmiddels is aangenomen) heeft het gedicht uitgeknipt en aan haar postvakje geplakt. Ik vond het zó mooi, dat ik het u niet wilde onthouden. Ik heb dus de redactie van BLAUW gemaild met het verzoek het gedicht over te mogen nemen. Ik kreeg als antwoord dat het ingebracht was door de hoofdcommissaris van Amsterdam, Bernard Welten, en dat ik het dus aan de persvoorlichting van Amsterdam moest vragen. Ik zag de bui al hangen, want als zij de blog lazen zouden ze wel eens tot de ontdekking kunnen komen dat ik geen hoge pet op heb van de ´republiek Amsterdam-Amstelland´ en het verzoek weigeren. Ik zag overigens dat Welten gewoon in de adreslijst stond, maar een direct mailtje aan hem heb ik toch maar uit mijn hoofd gelaten. Ik heb echter niks mogen vernemen van Amsterdam of Welten, ook niet na herhaald verzoek, dus ik neem de gok maar gewoon. Mocht ik gepakt worden op verbreken van het auteursrecht, dan houd ik een collecte onder u, trouwe lezer, om zo de boete af te kunnen betalen.

Het gedicht is geschreven door een zedenrechercheur uit Amsterdam Amstelland, genaamd Michael Reijnders, die vorig jaar is overleden.

JEROENTJE

 

Je kent dat wel, zo´n verjaardagsfeest

waarvan er al zoveel zijn geweest

een jarige die niks voor je betekent

maar die wel ieder jaar weer op je rekent

 

Met altijd weer diezelfde smoelen

en altijd weer dezelfde praat

over voetbal, televisie

en Miep die naar Mallorca gaat

 

En altijd over de politie

en over het werk van jou en mij

hoe we het toch kunnen

iedere dag die smeerlapperij

 

Meestal haal ik dan mijn schouders op

en mompel `ach, het is maar een baan`

Maar soms wil ik dat ze het snappen

en trek ik me zo´n opmerking aan

 

Dan vertel ik ze over Jeroen

in de hoop dat ze begrijpen

waarom wij dit werk doen

 

Ik vertel ze over Jeroen van zeven

maar hij wordt al bijna acht

die elke woensdagavond

met buikpijn op zijn vader wacht

 

want woensdags dan gaat mama

zingen dan moet ze oefenen met het koor

dus dan brengt papa hem naar bed

en leest ie altijd nog wat voor

 

En als hij dan de trap hoort kraken

en zijn vader naast hem staat

dan zou Jeroen het liefste dood zijn

omdat-ie weet wat komen gaat.

 

En terwijl zijn vader voorleest

knijpt Jeroen zijn ogen dicht

omdat hij bang is van zijn handen

en al dat zweet op zijn gezicht

 

Daarna ligt hij nog uren wakker

en komt hij eigenlijk pas tot rust

als hij zijn moeder thuis hoort komen

die denkt dat hij al slaapt

en hem heel voorzichtig kust

 

Twee jaar geleden gaf Jeroentje

al zijn voorleesboeken weg, aan Aart

die is nog steeds zijn beste vriendje

en mama was ontzettend kwaad

 

Maar Jeroen die durfde niks te zeggen

over zijn allergrootste geheim

en al die enge dromen

`Dan doe je mama heel veel pijn`

had papa hem gezegd

`En mag je nooit meer bij ons wonen`

 

Tot de dag dan Jeroen moest huilen

zomaar, midden in de klas

en de meester hem apart nam

en hem vroeg wat er toch was

 

Uiteindelijk zat Jeroen bij ons

en deed hij dapper zijn verhaal

aan een lieve mevrouw

en ze begreep het allemaal

 

En hij kreeg ook nog Coca Cola

en een hele leuke beer

en toen hij ´s avonds in zijn bed lag

deed zijn buik niet langer zeer

 

Het gaat ons niet over salarisschalen

of over een prachtig nieuw bureau

niet over jaarverslagen

of een cijfer-goochel-show.

 

Het gaat niet over ons

niet over de moeite en de pijn

Nee, wij doen dit werk omdat we weten

dat al die kinderen als Jeroentje

ons eeuwig dankbaar zullen zijn.

augustus 4, 2011
By on 16:41
eindeloos respect

Nederland kent de hoogste concentratie tijdschriften per hoofd van de bevolking. Daarom is het niet gek dat er meerdere politietijdschriften zijn. De grootste hiervan is BLAUW. Het ligt regelmatig op de koffietafel bij ons. En twee nummers geleden, net voor mijn vakantie, las ik een gedicht in dat blad, dat me naar de keel greep. En mij niet alleen. Een collega, wier ambitie het is om zedenrechercheur te worden, ( en inmiddels is aangenomen) heeft het gedicht uitgeknipt en aan haar postvakje geplakt. Ik vond het zó mooi, dat ik het u niet wilde onthouden. Ik heb dus de redactie van BLAUW gemaild met het verzoek het gedicht over te mogen nemen. Ik kreeg als antwoord dat het ingebracht was door de hoofdcommissaris van Amsterdam, Bernard Welten, en dat ik het dus aan de persvoorlichting van Amsterdam moest vragen. Ik zag de bui al hangen, want als zij de blog lazen zouden ze wel eens tot de ontdekking kunnen komen dat ik geen hoge pet op heb van de ´republiek Amsterdam-Amstelland´ en het verzoek weigeren. Ik zag overigens dat Welten gewoon in de adreslijst stond, maar een direct mailtje aan hem heb ik toch maar uit mijn hoofd gelaten. Ik heb echter niks mogen vernemen van Amsterdam of Welten, ook niet na herhaald verzoek, dus ik neem de gok maar gewoon. Mocht ik gepakt worden op verbreken van het auteursrecht, dan houd ik een collecte onder u, trouwe lezer, om zo de boete af te kunnen betalen.

Het gedicht is geschreven door een zedenrechercheur uit Amsterdam Amstelland, genaamd Michael Reijnders, die vorig jaar is overleden.

JEROENTJE

 

Je kent dat wel, zo´n verjaardagsfeest

waarvan er al zoveel zijn geweest

een jarige die niks voor je betekent

maar die wel ieder jaar weer op je rekent

 

Met altijd weer diezelfde smoelen

en altijd weer dezelfde praat

over voetbal, televisie

en Miep die naar Mallorca gaat

 

En altijd over de politie

en over het werk van jou en mij

hoe we het toch kunnen

iedere dag die smeerlapperij

 

Meestal haal ik dan mijn schouders op

en mompel `ach, het is maar een baan`

Maar soms wil ik dat ze het snappen

en trek ik me zo´n opmerking aan

 

Dan vertel ik ze over Jeroen

in de hoop dat ze begrijpen

waarom wij dit werk doen

 

Ik vertel ze over Jeroen van zeven

maar hij wordt al bijna acht

die elke woensdagavond

met buikpijn op zijn vader wacht

 

want woensdags dan gaat mama

zingen dan moet ze oefenen met het koor

dus dan brengt papa hem naar bed

en leest ie altijd nog wat voor

 

En als hij dan de trap hoort kraken

en zijn vader naast hem staat

dan zou Jeroen het liefste dood zijn

omdat-ie weet wat komen gaat.

 

En terwijl zijn vader voorleest

knijpt Jeroen zijn ogen dicht

omdat hij bang is van zijn handen

en al dat zweet op zijn gezicht

 

Daarna ligt hij nog uren wakker

en komt hij eigenlijk pas tot rust

als hij zijn moeder thuis hoort komen

die denkt dat hij al slaapt

en hem heel voorzichtig kust

 

Twee jaar geleden gaf Jeroentje

al zijn voorleesboeken weg, aan Aart

die is nog steeds zijn beste vriendje

en mama was ontzettend kwaad

 

Maar Jeroen die durfde niks te zeggen

over zijn allergrootste geheim

en al die enge dromen

`Dan doe je mama heel veel pijn`

had papa hem gezegd

`En mag je nooit meer bij ons wonen`

 

Tot de dag dan Jeroen moest huilen

zomaar, midden in de klas

en de meester hem apart nam

en hem vroeg wat er toch was

 

Uiteindelijk zat Jeroen bij ons

en deed hij dapper zijn verhaal

aan een lieve mevrouw

en ze begreep het allemaal

 

En hij kreeg ook nog Coca Cola

en een hele leuke beer

en toen hij ´s avonds in zijn bed lag

deed zijn buik niet langer zeer

 

Het gaat ons niet over salarisschalen

of over een prachtig nieuw bureau

niet over jaarverslagen

of een cijfer-goochel-show.

 

Het gaat niet over ons

niet over de moeite en de pijn

Nee, wij doen dit werk omdat we weten

dat al die kinderen als Jeroentje

ons eeuwig dankbaar zullen zijn.


By on 14:41
Privacy

De discussie die van de week werd aangezwengeld door Jacob Kohnstamm deed me denken aan een boek dat ik heb gelezen tijdens een welverdiende vakantie in de Achterhoek, vorige week. Het boek was geschreven door John Grisham, de man die romans over rechtspraak zowat heeft geintroduceerd. Dit boek, genaamd het vonnis, ging over een advocaat die met behulp van het bedrijfsleven gekozen wordt tot opperrechter in het hooggerechtshof van Missisipi, op voorwaarde dat hij gunstige uitspraken doet voor datzelfde bedrijfsleven. De zogenaamde lawsuits, waarbij bedrijven of doktoren worden aangeklaagd wegens wanprestaties, echt of niet, leveren miljoenen dollars aan schadevergoedingen op – terecht of niet. En dan gebeuren er dingen in het leven van deze rechter, bij zijn familie, waarbij nalatigheid van bedrijven en doktoren er duimendik bovenop ligt. Maar hij zou zijn principes – en de mensen die hem, vooral financièel, gesteund hebben, verraden als hij een lawsuit zou aanspannen. De wereld is niet altijd zwart/wit, zeg maar.

Jacob Kohnstamm wilde het strafbaar stellen dat particulieren en bedrijven beelden van inbrekers, overvallers en dieven op het internet of op posters publiceren, want dat zou de privacy van de verdachten ernstig schenden. En Kohnstamm wilde zelfs dat zijn cpb, het college bescherming persoonsgegevens, de mogelijkheid kreeg om boetes van astronomische hoogtes op te leggen, zonder tussenkomst van een rechter. Toen ik dat alles las vroeg ik me af of deze Jacob Kohnstamm,of zijn familie, ooit slachtoffer was geworden van een ernstig misdrijf. Ik hoop het niet voor de man, maar het zou wel goed voor hem zijn als op die manier de ogen werden geopend.

Want in den beginne, toen de politie steeds meer en meer met aangeboden beeldmateriaal ging werken, kwam het OM met een schema, waaruit bleek dat ál het beeldmateriaal dat ergens opgeslagen was ( zoals op een harddisk of CD/ROM) pas na een vordering van een Officier meegenomen mocht worden. Totdat de officieren beseften wat een werk ze zich op de hals hadden gehaald, werd de regeling gauw omgebogen naar een ´ als de eigenaar de beelddrager vrijwillig afstaat, hoeft er niet gevorderd te worden´. Want dat vorderen, of liever gezegd de aanvraag daarvan duurde soms dagen voordat een politieman er wat over hoorde van de rechtbank. Dagen waarin het onderzoek niet verder kon. Dagen waarin het slachtoffer niets hoorde over zijn zaak. Dagen waarin de dader nieuwe delicten kon plegen.

In de huidige tijd, met alle nieuwe techniek, is het heel makkelijk om bewakingsbeelden op internet te plaatsen. Een fietsenhandelaar bij ons deed dit onlangs, en binnen no-time kwamen er mensen naar hem toe de fietsendief herkenden en op verzoek van de verkoper bij de politie een getuigenverklaring kwamen afleggen. Nieuwe technieken zijn een aanwinst voor de politie, want ze slagen dáár, waar wij als opsporingsapparaat al een hele tijd in faalden: het betrekken van burgers bij de opsporing en veiligheid in hun eigen wijk. Het succes van Burgernet en Twitter zijn daar goede voorbeelden van. En dus ook youtube, waar steeds meer beelden op komen te staan.

De privacy van verdachten wordt soms beter beschermd dan die van de lachtoffers, beweren sommingen. Ik ben geneigd het met ze eens te zijn. En laten we wel zijn: zij begonnen! Door in te breken, te stelen, dingen weg te nemen met geweld wat niet van hen was, maakten ze zich een onderwerp van opsporing, en hoewel dat absoluut volgens de regels dient te verlopen, hoeven we ze ook weer niet alle voordelen te geven. Daarnaast – en dat is nog het belangrijkste – wordt hun privacy helemaal niet geschonden. Hun afbeelden worden getoond met de vraag: kent u deze personen? Hun namen worden niet genoemd. Hun adressen worden niet genoemd. Er wordt verteld waar ze van verdacht worden. Dus privacy-schending? Een digitale schandpaal? Laat me niet lachen. En dat terwijl er deze week óók een bericht in de krant verscheen, dat veroordeelden met een taaksctraf een oranje hesje gaan dragen waaraan ze herkenbaar zijn, met de tekst ´Werkt voor de Samenleving´ en dat zoveel mogelijk in hun eigen buurt. Dan kun je zeggen dat hun privacy wordt geschonden. Maar het voorbeeld werkt. En daar gaat het om. Zou Kohnstamm nog tot inkeer komen? Zijn privacy is immers al gewaarborgd….

augustus 3, 2011
By on 20:58
Privacy

De discussie die van de week werd aangezwengeld door Jacob Kohnstamm deed me denken aan een boek dat ik heb gelezen tijdens een welverdiende vakantie in de Achterhoek, vorige week. Het boek was geschreven door John Grisham, de man die romans over rechtspraak zowat heeft geintroduceerd. Dit boek, genaamd het vonnis, ging over een advocaat die met behulp van het bedrijfsleven gekozen wordt tot opperrechter in het hooggerechtshof van Missisipi, op voorwaarde dat hij gunstige uitspraken doet voor datzelfde bedrijfsleven. De zogenaamde lawsuits, waarbij bedrijven of doktoren worden aangeklaagd wegens wanprestaties, echt of niet, leveren miljoenen dollars aan schadevergoedingen op – terecht of niet. En dan gebeuren er dingen in het leven van deze rechter, bij zijn familie, waarbij nalatigheid van bedrijven en doktoren er duimendik bovenop ligt. Maar hij zou zijn principes – en de mensen die hem, vooral financièel, gesteund hebben, verraden als hij een lawsuit zou aanspannen. De wereld is niet altijd zwart/wit, zeg maar.

Jacob Kohnstamm wilde het strafbaar stellen dat particulieren en bedrijven beelden van inbrekers, overvallers en dieven op het internet of op posters publiceren, want dat zou de privacy van de verdachten ernstig schenden. En Kohnstamm wilde zelfs dat zijn cpb, het college bescherming persoonsgegevens, de mogelijkheid kreeg om boetes van astronomische hoogtes op te leggen, zonder tussenkomst van een rechter. Toen ik dat alles las vroeg ik me af of deze Jacob Kohnstamm,of zijn familie, ooit slachtoffer was geworden van een ernstig misdrijf. Ik hoop het niet voor de man, maar het zou wel goed voor hem zijn als op die manier de ogen werden geopend.

Want in den beginne, toen de politie steeds meer en meer met aangeboden beeldmateriaal ging werken, kwam het OM met een schema, waaruit bleek dat ál het beeldmateriaal dat ergens opgeslagen was ( zoals op een harddisk of CD/ROM) pas na een vordering van een Officier meegenomen mocht worden. Totdat de officieren beseften wat een werk ze zich op de hals hadden gehaald, werd de regeling gauw omgebogen naar een ´ als de eigenaar de beelddrager vrijwillig afstaat, hoeft er niet gevorderd te worden´. Want dat vorderen, of liever gezegd de aanvraag daarvan duurde soms dagen voordat een politieman er wat over hoorde van de rechtbank. Dagen waarin het onderzoek niet verder kon. Dagen waarin het slachtoffer niets hoorde over zijn zaak. Dagen waarin de dader nieuwe delicten kon plegen.

In de huidige tijd, met alle nieuwe techniek, is het heel makkelijk om bewakingsbeelden op internet te plaatsen. Een fietsenhandelaar bij ons deed dit onlangs, en binnen no-time kwamen er mensen naar hem toe de fietsendief herkenden en op verzoek van de verkoper bij de politie een getuigenverklaring kwamen afleggen. Nieuwe technieken zijn een aanwinst voor de politie, want ze slagen dáár, waar wij als opsporingsapparaat al een hele tijd in faalden: het betrekken van burgers bij de opsporing en veiligheid in hun eigen wijk. Het succes van Burgernet en Twitter zijn daar goede voorbeelden van. En dus ook youtube, waar steeds meer beelden op komen te staan.

De privacy van verdachten wordt soms beter beschermd dan die van de lachtoffers, beweren sommingen. Ik ben geneigd het met ze eens te zijn. En laten we wel zijn: zij begonnen! Door in te breken, te stelen, dingen weg te nemen met geweld wat niet van hen was, maakten ze zich een onderwerp van opsporing, en hoewel dat absoluut volgens de regels dient te verlopen, hoeven we ze ook weer niet alle voordelen te geven. Daarnaast – en dat is nog het belangrijkste – wordt hun privacy helemaal niet geschonden. Hun afbeelden worden getoond met de vraag: kent u deze personen? Hun namen worden niet genoemd. Hun adressen worden niet genoemd. Er wordt verteld waar ze van verdacht worden. Dus privacy-schending? Een digitale schandpaal? Laat me niet lachen. En dat terwijl er deze week óók een bericht in de krant verscheen, dat veroordeelden met een taaksctraf een oranje hesje gaan dragen waaraan ze herkenbaar zijn, met de tekst ´Werkt voor de Samenleving´ en dat zoveel mogelijk in hun eigen buurt. Dan kun je zeggen dat hun privacy wordt geschonden. Maar het voorbeeld werkt. En daar gaat het om. Zou Kohnstamm nog tot inkeer komen? Zijn privacy is immers al gewaarborgd….


By on 18:58
Sleurhutten

Nederlanders zijn dol op hun caravans. We zijn een volkje
van kranige kampeerders, die weer en wind trotseren om een stukje van de wereld
te zien. Lekker in Zuid Frankrijk in de zon zitten, of in Duitsland van het
bier genieten. Iedereen wil terug naar de natuur, maar niemand wil gaan lopen.
Zoiets. Legendarisch zijn de verhalen van Nederlanders die in één ruk door naar
de Spaanse kust reden met moeders en kinderen en de caravan. En van diezelfde
moeders die in de caravan een mud aardappelen en enkele potten pindakaas
meenamen, want wat de boer niet kent, hoef je hem ook niet voor te zetten. Bij
controles aan de grens moesten regelmatig auto’s en caravans worden uitgeladen
en bekeken worden, wat meeging en wat achter moest blijven. Ik hoorde laatst
van en collega dat de Franse politie, bij constatering van overgewicht, de
extra spullen op jouw kosten opslaat en dat het later opgehaald kan worden. Die
kosten, onnodig te vertellen, zijn niet mals.

Ik ben zelf ook een hardcore kampeerder. Met een tentje er
op uit. Nou ja, tentje: We hebben een tent waar ik met gemak mijn auto in kan
parkeren en dan is er nog genoeg ruimte over om in te slapen. Het duurt twee
uur voordat hij staat, maar dan heb je ook wat. Dat ging ons wat vervelen en
dus zijn we afgelopen week met de caravan van mijn vader op vakantie geweest.
En dat is ons zo goed bevallen dat we direct zelf een caravan hebben gekocht.

En daardoor heb ik me in mijn vakantie toch beziggehouden
met werk. Wet- en regelgeving rondom caravans. Zou ik mijn vakantie daardoor
terug kunnen vragen? Wat is het gewicht van de caravan, en mag ik dat trekken
met mijn auto? Is de caravan verzekerd of moet ik hem bijverzekeren? Moet ik
een E-rijbewijs halen?

Het kostte wat moeite ( gelukkig had ik mijn laptop bij me
en zijn steeds meer campings uitgerust met wifi) maar ik ben erachter gekomen
dat het leeg gewicht van een caravan bepaald wordt op het moment dat hij de
fabriek uitrolt, vermeerderd met een
reservewiel, een gevulde gasfles en een redelijke dagvoorraad water.
Dat is
belangrijk om te weten want dat extra gewicht- toch gauw zo’n 70 kilo – mag je
als het ware aftrekken van het leeg gewicht dat op je kentekenbewijs staat vermeld
en dat mag je dus extra meenemen als bagage, voordat je de laadlimiet
overschrijdt.

En dat is weer belangrijk, omdat je caravan beladen nooit
méér mag wegen dan het leeg gewicht van je trekkend voertuig. Heb je dat voor
elkaar, heb je ook geen E-rijbewijs nodig. Weegt de caravan wel meer, dan moet
je een E-rijbewijs gaan halen. De combinatie mag samen nooit meer wegen dan
3500 kg. En er zit een maximum aan wat je auto mag trekken. Mijn auto weegt
1138 kilo en mag een geremde aanhanger/caravan trekken van 1200 kg. De caravan die
ik gekocht heb mag ook maximaal 1200 kilo wegen. Als ik een E-rijbewijs haal,
door zo’n 700 euro, dan mag ik welgeteld 60 kilo méér trekken als zonder. Dat
is me de investering niet waard en dus hou ik het gewicht van de caravan goed
in de gaten. Misschien met een volgende auto is het interessanter. En dan is er
nog het gewicht dat op de trekhaak rust. Je hebt er allerlei mooie apparaatjes
voor, maar een stukje hout van 2 bij 3 en een personenweegschaal kunnen het ook
voor je berekenen: de kogeldruk mag niet meer zijn dan 75 kilo. Dus hoeveel je
meeneemt is belangrijk, maar hoe je het meeneemt is minstens net zo belangrijk.
Want is je caravan op de kogel te zwaar, dan komen je voorwielen los en heb je
geen aandrijving en sturing. En is de caravan achterop te zwaar dan trekt hij
je achteras van je auto omhoog, met alle mogelijke gevolgen van dien.

Hoe dan ook, wij kijken uit naar een seizoensplaats op een
camping ergens op de Utrechtse Heuvelrug. Want in een weekje kamperen in de
achterhoek zijn we erachter gekomen dat Nederland nog zoveel moois te bieden
heeft, dat Duitsland en Frankrijk wel kunnen wachten.

Iemand nog interesse in een grote tunneltent met vier royale
slaapplaatsen en een bagagewagentje? U weet me te bereiken!

juli 27, 2011
By on 11:47